Franse markt voor landbouwmachines

Technologische innovatie voor duurzame precisie-landbouw centraal

… en de boer, hij ploegde voort… Dit geldt ook in het grootste akkerbouwland van de EU. Ploegkampioenschappen zijn een gewild technologisch en sociaal evenement in de regio’s, met als hoogtepunt het jaarlijkse, nationale ‘concours du labour agricole’ van de Jonge Boerenbond! Efficiënte, geavanceerde landbouwmechanisatie is voor de Franse agrarische bedrijven én de voedingsmiddelenindustrie steeds belangrijker. Landbouwequipment is immers de ‘anti-chambre’ van het gehele agrifoodproces!

 Marktontwikkeling

Frankrijk is een belangrijk producent van landbouwmachines en staat voor een grote markt. Deze vertegenwoordigt, incl. dienstverlenende bedrijven, 6,3 miljard euro.  Met een productiewaarde van 2,7 miljard euro in 2010 – een afname van  10% t.o.v. 2009 – is de Franse positie verzwakt t.o.v. die van Duitsland. E.e.a. werd toegeschreven aan de verminderde inkomenspositie van agrarische bedrijven en de exportkrimp. De Franse productie heeft als bestemming de thuismarkt (37%), de eurozone (38%) en daarbuiten (25%). Met een jaaromzet van 931 miljoen euro is de markt voor nieuwe tractoren met 35% verreweg het grootste segment van de landbouw mechanisatie. A.g.v. de slechte conjunctuur was de markt zeer matig voor materieel voor de veehouderij, voermengmachines, landbouwaanhangwagens en grondbewerkingsmachines. Maar deze was beter voor machines voor groenonderhoud, oogstmachines voor de wijnbouw, mest uitrij-machines, vóóropladers en zaaimachines.

Voor 2011/2012 wordt een opleving van de markt verwacht (+6%; raming 3,6 miljard euro), aldus de Franse constructeurs en dealers, bevestigd door de recente uitslag van Europese CEMA-barometer en de geconstateerde tendensen op de recente internationale vakbeurs voor landbouwmachines (SIMA). Stijgende afzetprijzen en melkprijzen dragen hiertoe bij. De inkomenspositie van agrarische bedrijven zal toenemen, vooral in de plantaardige sector dankzij de stijgende graanprijzen. Ook in de (melk)veehouderij verwacht men een verbetering van de investeringscapaciteit, maar de hoge productiekosten en de polemiek rond de z.g.n. contractualisering tussen (melk)veehouders en de industrie zouden de opleving nog kunnen drukken. Schaalvergroting manifesteert zich momenteel het sterkst in de graan- en olie-/eiwithoudende gewassen. Het aantal melkveebedrijven en overige dierlijke productiebedrijven daalt, niettemin is het aandeel van melkveebedrijven met een jaarinkomen hoger dan 100.000 euro hoog (61%).

Import en export

Frankrijk is ook een belangrijk exporteur van landbouwmachines. Samen met Duitsland en Italië behoort Frankrijk tot de top-3 van Europese exporteurs en behoort Frankrijk eveneens tot de wereldtop-5. In 2010 exporteerde Frankrijk 66% van zijn productie van landbouwmachines. In 2010 bedroeg de import- en exportwaarde resp. 2,5 en 2,1 miljard euro, ofwel resp. een importafname met 6% en een exporttoename met 10%. Van de totale import was 29% afkomstig uit Duitsland, 16% uit Italië, 10% uit de V.S., 6% uit Oostenrijk en België en 5% uit Nederland. De import uit Nederland neemt sinds 2008 licht toe. De voornaamste importproducten zijn: tractoren (36%), machineonderdelen (17%), oogst- en maaimachines en materieel voor groenonderhoud (beide 14%) en grondbewerkings-/zaai- en plantmachines (8%). De tendens is stijgend voor transportmachines en materieel voor de veehouderij.

De EU is met 77% de voornaamste afzetmarkt. Duitsland is de belangrijkste afnemer (20%), gevolgd door het V.K. (10%), de V.S (7%) en Italië en België (beide 6%). 3% van de export gaat naar Nederland. Afrika wordt met 5% (+21%) weer een focusgebied. De export naar Noord-Amerika en Oceanië en in de EU naar het V.K., Italië en Zweden en ten slotte naar Roemenië en Bulgarije – dankzij de EU-programma’s plattelandsontwikkeling – is toegenomen. De voornaamste exportproducten zijn: tractoren (34%), onderdelen/accessoires (17%), oogstmaterieel (13%), grondbewerking-/zaai-/plantmachines (10%) en grasmaaiers (9%). De tendens is stijgend voor tractoren (nieuwe en tweedehands), beregeningsapparatuur, grasmaaiers en onderdelen.

 Organisatie

Constructeurs (SNVA en SYGMA), dealers (SEDIMA) en importeurs (SECIMA) zijn gebundeld in de koepelorganisatie ‘ Union des Industriels de l’Agro-Equipement’ (AXEMA). De sector telt 1.500 bedrijven, waarvan 450 constructeurs en verschaft werk aan 47.000 werknemers. De grote dealerbedrijven zijn vooral in West-Frankrijk gevestigd. Sommige zijn gebonden aan een constructeur, andere zijn onafhankelijk. SEDIMA heeft momenteel het voorzitterschap van de Europese organisatie CLIMMAR. Verder telt Frankrijk 2 federaties van loonbedrijven. Deze zijn naast akkerbouwers en veehouders ook belangrijke investeerders in equipment.  Het betreft hier:

– de nationale federatie van coöperatieve loonbedrijven: FNCUMA (Fédération Nationale des Coopératives d’Utilisation de Matériel Agricole). Aantal : 12.500 waarvan 950 “inter-CUMA’s “;

– de federatie van particuliere loonbedrijven: FNEDT (Fédération Nationale des Entrepreneurs des Territoires). Aantal: 33.000.

Ten slotte zijn er nog de zgn. LISA’s (Libre Service Agricole), óók distributeur van landbouwmachines. Deze zijn filialen van constructeurgebonden dealers. V.w.b. leasing: er zijn geen cijfers bekend over het aantal machines dat wordt geleast. De leasemaatschappijen zijn hoofdzakelijk bankgerelateerd (Crédit Agricole, BNP Paribas). Prijsnoteringen voor landbouwmachines worden gepubliceerd door SIMO-Net.

 Internationaal

De Franse equipmentsector profileert zich ook internationaal: landbouwmechanisatie is een belangrijke factor voor efficiënte voedselproductie/-zekerheid. AXEMA was dan ook, samen de Europese CEMA, dit jaar organisator en host-country voor de 3e “World Summit on agricultural machinery” (“Agrievolution”) die plaats vond tijdens SIMA, internationale vakbeurs voor landbouwmachines in maart jl. Frankrijk neemt verder, samen met de V.S. en Italië, ook deel in de werkgroep die de 3e Landbouwmechanisatietop in 2013 moet voorbereiden.

 Onderzoek

Hoewel instituten voor toegepast onderzoek als ‘Institut de l’Elevage’ (veehouderij) en ARVALIS (akkerbouw) ook aandacht besteden aan mechanisatie, heeft CEMAGREF, overheidsinstituut voor onderzoek in milieutechnologie, een leidende rol en organiseert regelmatig seminars over de zgn. ‘eco-conception’ voor agri-equipment van de toekomst.

 Perspectieven en conclusie

Het investeringsklimaat wordt voor de lange termijn door de Franse constructeurs en dealers positief genoemd. Mede dankzij de structurele ontwikkelingen als schaalvergroting in de Franse akkerbouw en elders, de sterk groeiende wereldvraag naar grondstoffen en voedsel, duurzame energie (biodiesel) en de stijgende productprijzen in de akkerbouw en melkprijzen, zal het inkomensniveau van de boer positief worden beïnvloed. Er zal dus weer meer aandacht en financieringscapaciteit komen voor geavanceerd landbouw-equipment. Voor AXEMA staat technologische innovatie voor duurzame precisie-landbouw centraal. De focus ligt niet alleen op grote machines, geschikt voor grootschalige bedrijven buiten Europa, maar ook op de kleinere modellen, beter afgestemd op de bescheiden schaalgrootte in (West) Europa. AXEMA noemt verder: efficiënter gebruik van input, minder vervuiling bij uitstoot, energiebesparing, meer aandacht voor comfort en ergonomie, bescherming van de gebruiker en productveiligheid. In de biologische teelt is er sterke belangstelling voor aangepaste grondbewerking- en oogstmachines. Biogas installaties zitten in de lift dankzij het nieuwe steunprogramma van de overheid. Bosbouw is eveneens opkomende economische sector. Er is een levendige handel in tweedehands materieel. Dit wordt echter vooral aangeboden via vakbladen en speciale websites. Zoals eerder opgemerkt, de import uit Nederland trekt aan. Het Nederlandse product heeft in het algemeen een goede naam. De genoemde focuspunten bieden ongetwijfeld mogelijkheden voor de Nederlandse machinebouw. Belangrijke juridische informatie voor startende exporteurs naar Frankrijk: per 1 januari 2013 moeten alle getrokken landbouwwagens en -machines over een kenteken beschikken. Dit kentekenbewijs wordt verkregen via de Prefectuur en moet door de eigenaar worden aangevraagd i.s.m. de leverancier. Deze nationale verplichting was al sinds 2010 ingevoerd voor zelf rijdende machines. Verder zijn uiteraard de voor de branche bekende EU-Richtlijnen van kracht. Het Landbouwbureau Parijs kan meer en gerichte informatie verschaffen over de Franse markt en voorschriften.

Nuttige websites:

Organisaties: www.axema.fr ; www.sedima.fr ; www.agrievolution2011.org; www.cuma.fr ; www.e-d-t.org ; www.terres-net-neuf.com ; www.simo-net.fr; www.planet-agri.com (portal for professionals); www.climmar.com

Onderzoek: www.cemagref.fr ; www.ademe.fr

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: