Toelating van meststoffen: nieuwe procedures

Meststoffen (in het Frans: ‘engrais’,’ fertilisants’ of ‘supports de culture’, afhankelijk van het product)moeten in de EU voldoen aan 2 EU-Verordeningen, nummers 2003/2003 (Annex 1 : toegelaten stoffen!) en de recente 463/2013 (nieuwe stoffen). Hiermee kunnen meststoffen met het EU-logo ‘engrais CE’ op de Franse markt worden afgezet. Meststoffen zijn echter slechts gedeeltelijk geharmoniseerd; daarom heeft elke lidstaat voor niet-geharmoniseerde meststoffen een nationale regelgeving, eventueel nationale normen en een aparte toelatingsprocedure die min of meer complex is en soms lang kan duren. De laatste tijd verschijnen steeds vaker nieuwe, innovatieve meststoffen op de markt. Vaak betreft het hier nieuwe stoffen, afkomstig uit reststoffen van de voedselverwerkende industrie en die prima als meststof kunnen worden aangewend. Probleem is dat vele van deze stoffen nog niet zijn geharmoniseerd, hoewel er in Brussel wel discussies zijn om de Verordening te doen evolueren, vooral nu in kader van het Europese ‘anti-waste’ programma. Deze nieuwe producten moeten dus de toelatingsprocedure doorlopen, zowel in de lidstaat waar het product geproduceerd wordt als in de lidstaat waar men het product wil afzetten. Gezien de complexiteit van deze procedures, ook in Frankrijk, volgt hieronder een globaal overzicht van de diverse situaties met de respectievelijke procedure – e.e.a. is namelijk in Frankrijk veranderd, omdat de behandeling van de aanvraag – ook de verkorte aanvraag voor een product in het kader van ‘wederzijdse erkenning’ – nu geheel bij ANSES ligt. Daarentegen geeft het ministerie van Landbouw/Veterinaire en Fytosanitaire Dienst de vergunning af aan het bedrijf op basis van het advies/evaluatie van ANSES. ANSES is de Franse Autoriteit voor Voedsel- en Milieuveiligheid.

Er zijn 3 situaties:

1. Product voldoet aan de EU-Verordeningen en is hiermee een “engrais CE”: geen een aanvullende procedure in Frankrijk.

2. Product voldoet niet aan de EU-Vo., maar heeft wel de toelatingsprocedure in Nederland (met succes) doorlopen en beschikt dus over een nationale NL vergunning:

Voor het product zijn er in de laatste genoemde situatie 2 opties:

A)    het product conformeren aan één van de (20) vigerende, Franse AFNOR-normen voor meststoffen. AFNOR (www.afnor.fr) is het Instituut voor Normalisatie.

Dit is veruit de meest eenvoudige procedure. Bovendien zijn hieraan geen extra procedurekosten verbonden. De norm behelst onder meer ook etiketteringsvoorschiften (in de Franse taal). Het etiket moet voorzien zijn van het relevante nr. van de AFNOR-norm.

Deze normen worden – met slechts een summiere verwijzing naar het soort product dat door de norm gedekt wordt – opgesomd in een Beschikking van 5 september 2003 (geconsolideerde versie van 1 januari 2013): “Arrêté du 5 septembre 2003 portant mise en application obligatoire de normes –  Annex 1”:

Zie wettekst via weblink:

http://www.legifrance.gouv.fr/affichTexte.do?cidTexte=JORFTEXT000000796890&fastPos=8&fastReqId=161595930&categorieLien=cid&oldAction=rechTexte

Vervolgens kan meer informatie over de geïdentificeerde norm worden gevonden op de website van AFNOR (via de zoekfunctie het nr. van de norm invoeren). Via deze site is het ook mogelijk om de norm te bestellen: http://www.afnor.org/profils/activite/agroalimentaire/normes/liste-des-normes

B)    het product beschikt over nationale NL vergunning, maar het voldoet aan geen van de AFNOR-normen: in dit geval geldt de verkorte vergunningsprocedure ( ‘demande de homologation simplifiée’ ), via ANSES, voor het verkrijgen van de (verplichte) Franse vergunning. Het is uiteindelijk het ministerie van Landbouw/Veterinaire en Fytosanitaire Dienst dat de vergunning afgeeft op basis van advies van ANSES. De verkorte procedure is gebaseerd op wederzijdse erkenning van de nationale vergunningen tussen de lidstaten. Ook in het kader van de verkorte procedure zal een bedrijf een aantal gegevens m.b.t. het product moeten overleggen, gegevens over de effectiviteitswerking van het product. De te volgen procedure, de handleiding (ook in het Engels op website van ANSES), de benodigde in te vullen formulieren, informatie over vigerende tarieven – aan deze aanvraag zijn kosten verbonden – en het contactadres (ook voor aanvullende informatie) worden helder toegelicht via de volgende weblink van ANSES – DPR-UGAMM (DPR = Département des Produits Réglementés):

http://www.anses.fr/fr/content/documents-dinformation-pour-les-dossiers-sur-les-mati%C3%A8res-fertilisantes-et-supports-de?sort_by=created&sort_order=DESC&page=1

3. Product voldoet niet aan de EU-Vo. en beschikt (nog) niet over een Nederlandse toelating: in dit geval moet voor het product de integrale Franse toelatingsprocedure ( ‘demande de homologation ‘) bij ANSES worden doorlopen. Dit is een complexe en langdurige (en vrij kostbare) procedure. Bovengenoemde website van ANSES geeft ook de nodige informatie over de integrale procedure. Meer informatie bij het Landbouwbureau Parijs.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: