Vruchtbaar bezoek Nederlandse Biobased bedrijfsdelegatie aan Noord-Frankrijk

Van 19 t/m 21 mei 2014, organiseerde het economisch cluster van de Nederlandse ambassade in Parijs een bezoek van Nederlandse bedrijven en kennisinstellingen aan de beurs SIÑAL in Chalôns-en-Champagne. Onderwerpen die centraal stonden tijdens de businessmeetings en het congres, waren agro en biochemie, biomaterialen, bio-energie en duurzame bouw. De 16 Nederlandse bedrijven en kennisinstellingen brachten onder leiding van Roel Bol, Speciaal Vertegenwoordiger Groene Groei van het Ministerie van Economische Zaken, ook een bezoek aan het bioraffinagecluster in Pomacle-Bazancourt en de beurs in Châlons.

Nederland ‘Pays d’honneur’:  het oorspronkelijke Franse evenement kreeg een internationaal karakter door de Nederlandse bedrijfsdelegatie en daarom was Nederland ereland. Naast de vele businessmeetings tussen de Franse en Nederlandse bedrijven, verzorgden Roel Bol, Professor Johan Sanders (WUR) en Willem Sederel, directeur Biobased Delta, presentaties en namen deel aan de Ronde Tafeldiscussie op 20 mei. Dit debat, met als moderator Claude ROY, voorzitter van de ‘Club des Bio-économistes et lid van de Adviesraad voor Voeding, Landbouw en Platteland (Franse ministerie van Landbouw) had als thema  : perspectieven voor de biobased economy –  focus op de waardvermeerdering van biomassa (lees hieronder verder over een interview met Claude Roy).

Daarnaast brachten Maarten Camps, Secretaris Generaal van Economische Zaken, en bilateraal Ambassadeur Ed Kronenburg, een bezoek aan het evenement om een aantal deelnemende Nederlandse partijen en Franse ‘boegbeelden’ op het terrein van biobased economy te ontmoeten. In hun aanwezigheid werd deze dag officieel afgesloten door de uitreiking van twee innovatieprijzen – één voor een product en één voor een procedé -, waarvan de innovatieprijs voor een procedé werd toebedeeld aan het Nederlandse Kenniscentrum Plantenstoffen voor hun extractenbibliotheek. Deze database koppelt Nederlandse tuinders als leveranciers aan producenten die op zoek zijn naar specifieke stoffen uit o.a. de farmaceutische, agrochemische en cosmetische industrie, alsook de foodsector.

Samenwerking : Frankrijk en Nederland hebben beiden een belangrijke landbouwsector en sterke interesse in biobased economy toepassingen. Met 18 miljoen hectare landbouwareaal is Frankrijk het grootste landbouw- en akkerland en het vierde bosbouwland in de EU. Biomassa is er dus volop aanwezig, onder meer in het noorden van het land. Noord-Frankrijk behoort namelijk tot de 2 grootste akkerbouwgebieden in Frankrijk. Daarnaast bezit het één van Europa’s belangrijkste chemiesectoren. Nederland streeft op haar beurt naar een efficiënte en duurzame landbouw- en chemiesector en doet op dat vlak baanbrekend onderzoek. De complementariteit en overeenkomsten tussen beide landen werden goed zichtbaar tijdens de beurs en Nederlandse en Franse bedrijven toonden duidelijk interesse in elkaar.

Er bestond, sinds het officiële bezoek van President Hollande aan Nederland in januari 2014, al een nauwe band tussen het Franse innovatiecluster voor de valorisatie van landbouwgrondstoffen, de Pôle Industrie et Agro Ressources (IAR), en het Nederlandse Biobased Delta. Door het concrete karakter van de beurs is een groot aantal contacten gelegd die grote kans maken op toekomstige Frans-Nederlandse samenwerkingen.

[1] De delegatie bestond uit het cluster Biobased Delta, Kenniscentrum Plantenstoffen, Dacom BV, Dienst Landbouwkundig Onderzoek, ECN, NF Exploitatie/NewFoss, Provincie Drenthe, Process Design Center BV, Royal COSUN, SAPPI Nijmegen, TCEGOFOUR BV, Tree Power, Van de Bilt Zaden en Vlas BV, Biorizon en Wageningen Universiteit (WUR).

Meer informatie over SINAL , de innovatieprijzen en data SINAL 2015: http://www.sinal-exhibition.eu/index.php/en/

Diederik van der Hoeven, werkwaam als wetenschapsjournalist voor ‘Bio Based Press’, ook aanwezig tijdens SIŇAL, nam een tweetal interviews af met Claude Roy, voorzitter van de ‘Club des Bio-économistes’ en lid van de Adviesraad voor Voeding, Landbouw en Platteland (Franse ministerie van Landbouw) , evenals met Philippe Catroux van de Laboratoires Pierre Fabre.

 Lees meer over deze interviews  (quotes en links):

 Claude Roy:

 “Wereldproblemen aanpakken met waardevermeerdering van biomassa”:

“In 2050 zal er per aardbewoner nog maar 0,2 ha landbouwgrond beschikbaar zijn, terwijl dat in 1950 0,5 ha was. Fossiele brandstoffen raken ooit op, maar daarvóór zal klimaatverandering de wereld al op zijn kop zetten met droogten, ziektes, volksverhuizingen, misoogsten. Er zijn maar drie uitwegen uit dit complex van problemen, en bij alle drie is biomassa betrokken: soberheid, circulaire economie en vastleggen van koolstof.Productieve, sobere en veelsoortige land- en bosbouw, en de doeltreffende verwerking en toepassing van hun producten, vormen het beste bolwerk tegen klimaatverandering, samen met energiebesparing en technologische en organisatorische innovaties » ;

 Claude Roy is een man van grootse vergezichten, en hij weet ze met onuitputtelijke energie over te dragen. Als voorzitter van de Franse Club des Bio-économistes verkondigt hij al jaren: om de grote problemen van de wereld aan te pakken hebben we biomassa nodig. Zo hoogwaardig mogelijk, dus vooral in de vorm van voeding, materialen en chemicaliën. Monsieur Biomasse, zo wordt hij in Frankrijk wel genoemd:

Lees verder op:

http://www.biobasedpress.eu/nl/2014/05/claude-roy-wereldproblemen-aanpakken-met-waardevermeerdering-van-biomassa/

Meer over de Franse ‘Club des Bio-économistes’:

http://leclubdesbioeconomistes.tumblr.com/

 

Philippe Catroux:

 De cosmetische industrie kijkt met nieuwe belangstelling naar groene grondstoffen. Biobased materialen zijn ‘in’. Niet alleen omdat het publiek er steeds meer om vraagt, ook omdat door bioraffinage het aanbod van plantaardige producten steeds groter wordt. Aldus Philippe Catroux, van de Laboratoires Pierre Fabre, op de Siñal conferentie in Châlons-en-Champagne.

Lees verder op:

http://www.biobasedpress.eu/nl/2014/05/trend-groene-cosmetica/

 

%d bloggers liken dit: